Al sinds de introductie van “the World Wide Web” is het mogelijk om deel te nemen in open opleidingen en trainingen. De laatste jaren is de MOOC in opkomst. MOOC’s maken het volgens voorstanders erg gemakkelijk om deel te nemen aan een online cursus of opleiding van een universiteit of andere onderwijsinstelling, waar ook ter wereld. Klassikale trainingen zijn meer blended geworden door ze combineren met online werkvormen als e-learning. Maar de échte kansen om  het leren te personaliseren en de inhoud toe te snijden op individuele leerbehoeften liggen op de werkplek.

De lerende heeft nog steeds weinig invloed

Hoewel het gebruik van internet niet meer weg te denken is in onze manier van leven, zijn leermodellen en –processen nauwelijks veranderd. Individueel lerenden hebben nog steeds weinig invloed op hoe ze de training willen volgen. Het leren wordt ook door blended leren zelden gestuurd door de lerende zelf. Zelfs als er gebruik gemaakt wordt van sociale activiteiten – al dan niet ondersteund op het web – wordt dat gestuurd buiten de lerende om. Ook bij MOOC’s gaat het om een gestructureerd en geselecteerd aanbod van kennis. Niet in de vorm van een cursus maar als toegang tot verschillende kennisbronnen in verschillende vormen zoals video’s, screencasts, podcasts, die worden gedeeld op het web. Ook een MOOC is gestoeld op traditionele leermodellen en verandert de manier van leren nauwelijks.

Sociaal en samenwerkend lerensocial-collaboration

Tegelijkertijd maken we bij het leren we steeds meer gebruik van sociale netwerken als Facebook, Twitter, LinkedIn en Google+. Ze worden een steeds belangrijker deel van ons professionele leven omdat ze ons in contact brengen met andere vakdeskundigen. Als we op een bepaald moment specifieke vakkennis nodig hebben of hulp bij het oplossen van een probleem op het werk, maken we er graag gebruik van. We surfen op het web op zoek naar nieuwe kennis, nieuwe ideeën, bronnen etc. We stellen vragen binnen het netwerk, we wisselen ideeën, bronnen en ervaringen uit en leren van elkaar door samen te werken. Soms zelfs zonder dat we ons dat echt realiseren. Dat is autonoom, sociaal  en samenwerkend leren. Gericht op je persoonlijke leerbehoefte om je werk nóg beter te kunnen doen. Just-in-time, just enough.

Brug slaan in plaats van ontmoedigen

Toch heeft het internet ook het leren op de werkplek nog niet écht veranderd. Gepersonaliseerd leren en professioneel netwerken wordt nog vaak gezien als irrelevant voor de organisatie. Sterker, sommige organisaties blokkeren de toegang tot netwerken om veiligheidsredenen of gewoon omdat ze bang zijn dat er onnnodig tijd wordt verspild. Vergeefse moeite, als je het mij vraagt. Medewerkers gebruiken toch wel hun eigen smartphone of tablet om kennis te vergaren op sites die ze van belang vinden. Daarnaast is het ook ondoenlijk voor organisaties om de kennis die nodig is om up-to-date te blijven zelf te creeëren. Kennis veroudert snel. En de tijd om nieuwe kennis productief te maken wordt alsmaar korter. Daarom lijkt het mij beter gepersonaliseerd leren en professioneel netwerken aan te moedigen en te ondersteunen in plaats van proberen het te verhinderen.L&D zal teams en individuele medewerkers moeten helpen bij het voortdurend, autonoom en sociaal leren. En daardoor een brug slaan tussen gestuurde en gestructureerde kennisoverdracht door (blended) training of MOOC en de zelfgestuurde kennisverwerving. Dat laatste gebeurt min of meer “vanzelf” tijdens het werken in teams en op sociale media. Dat hoeft  alleen maar gefaciliteerd en begeleid worden.  Zo kan, na 25 jaar internet eindelijk het leren, en dan met met name het leren op de werkplek, écht veranderen.